Bij Simon zit overal muziek in en daarmee lijkt hij op zijn vader. Het is fijn een week bij mijn zoon te logeren. We zien elkaar veel te weinig.
Dinsdag stond ik gelijk met hem op om precies vier uur. Snel ontbijtje maken om mee te nemen; fototoestel mee en water in kleine flesjes. Een appel en dat was het.
Simon wacht tot ik instap en maant me tot spoed. Om kwart voor vijf moet hij inklokken. Het is een mooie rit, een leuke rit en vol met nieuwigheden.
Om in een cabine van een vrachtwagen te zitten die achttien meter lang is, is al avontuurlijk, nadat ik me met twee treden van de trap ophijs om binnen te kunnen klauteren.
Alles in de cabine is groot. De stoelen, de ruimte. Simon zit meer dan een meter van mij vandaan. Hij heeft een interessant dashboard met zoveel knopjes en bliepjes, dat hij wel een piloot lijkt.
Mijn uitzicht is fantastisch. Ik kijk overal overheen. Bij een brug over het water zie ik water en niet alleen wat stukken van de reling. Bovendien kan ik buiten kijken. Over de auto’s heen.
Mijn zoon rijdt en dat doet mij lui achterover zitten en rondkijken.
Hij vertelt, welke rivier we passeren, welk gebouw daar staat of wordt gebouwd.
Hij vertelt over de geschiedenis, de oorsprong, van steden en dorpen, maar hij vertelt ook over de fouten van medeweggebruikers, en hoe hij die vaak moet corrigeren.
Hij heeft met een bevriende collega dagelijks contact op de dagen dat beide werken.
Ze hebben een grappige conversatie. Over “het front” als het over hun privéleven gaat; of over de “reddingswerkzaamheden”, die meestal aan het einde van de dag worden besproken.
Vaak gaat het om inhaalmanoeuvres van meestal jongere automobilisten, jonger en midden dertigers dus, die zich als koningen op de weg begeven en die de vrachtwagen moet inhalen en daarna snel op de rem moet om niet met twee wielen in de afrit te belanden.
Als het jongmens het niet haalt wordt zijn auto “gelanceerd” en kan er letsel ontstaan, waar alle truckers bedacht op moeten zijn.
Die zijn zich ervan bewust dat ze de machine waarin ze rijden te allen tijde onder controle moeten hebben. Vaak is zo’n jongere bestuurder druk met zijn telefoon en slingert of remt, of let gewoon niet op terwijl ze wel tachtig rijden.
Het was een interessante conversatie om te volgen. Het viel me op dat autobestuurders vaak fel en soms agressief reageren; en dat de vrachtwagenchauffeur kalm blijft. Moet blijven, de situatie mag niet uit de hand lopen.
Het is hun vak; het zijn professionals.
Die dag heb ik veel geleerd, en mijn zoon met bewondering gadegeslagen, toen hij met die lengte over een kleine brug een binnenstad moest inrijden tussen
Mac Donalds en de HEMA en daar moest keren. Ik durfde maar amper te kijken.
Veertien uur na vertrek waren we om kwart voor zeven in de avond terug. We haalden onderweg naar zijn huis maar een frietje met een bamihap.
Ik kon ook niet meer koken die avond.
