Medemblik, staat er op het lepeltje dat ik - nog
in het doosje - in de kast leg. Lepeltje zevenhonderd zoveel. Op de geplakte
afbeelding staat kasteel Radboud. Het kasteel hebben we na een lange wandeling van
dichtbij aan de buitenkant gezien. Daarvoor liepen we om de haven heen en moesten
we dezelfde weg teruglopen. De ingangspoort was dicht toen wij er waren, maar
terug aan de overkant van het water zagen we mensen over het gazon lopen aan de
binnenzijde van de poort. Het kasteel zag er heel toegankelijk uit. Niet zo
groot en imposant als veel andere kastelen. Later zagen wij op internet dat dit
een zogenaamd “dwangkasteel” was die vaak in de middeleeuwen werden gebouwd om
dwangmaatregelen te treffen tegen de eigen bevolking, met name daar dus om de
West-Friezen in toom te houden. Wij hadden nog niet eerder van dwangburchten
gehoord. Een aantal ervan heeft de tand des tijds goed doorstaan, zoals die
burcht in Medemblik en toen ik op internet andere burchten bekeek vond ik ze
inderdaad op grote gevangenissen lijken. Het zijn vestingwerken, net als de citadels,
die wij eens bezochten op Corsica en in Luik.
Terugkijkend naar de foto’s van dit uitstapje
vond ik een foto met daarop een gevelbord waarop vier kinderen in klederdracht
staan afgebeeld. Zonder uitleg moest ik dit nazoeken en het bleek om vier
weeskinderen te gaan, afgebeeld op het prachtige poortgebouw uit 1785, dat naast een voormalig
weeshuis staat. Dat gebouw is daarna nog als bejaardenhuis gebruikt, maar gelukkig
niet voor die voormalige wezen want die waren toen al zo’n honderd jaar eerder overleden.
Een levensgroot bronzen beeld van twee figuren
beeldt “de beste stuurlui” uit. Jos zette zich ertussenin in met een lichtblauw
shirtje aan en ik maakte lachend de veelzeggende foto. Het beeld is van Jan J.
van Velzen die het in 1989 vervaardigde. Van Velzen, geboren in 1931 in
Medemblik, maakte in de tachtiger en negentiger jaren van de vorige eeuw
meerdere levensgrote bronzen beelden. Eerder maakten we kennis met een andere
kunstenaar die werd geboren in Medemblik en dat was schilder Rotius, die leefde
van 1624 tot 1666. In het Rijksmuseum hangen slechts enkele doeken van deze
schilder, maar in Hoorn is hij de grote meester van het West-Fries museum. Wij
kochten een overzichtsboek van deze schilder toen we in Hoorn verbleven op het
moment dat daar een indrukwekkende overzichtstentoonstelling van deze schilder te
zien was. Hij was een leeftijdgenoot van Rembrandt en wordt ook wel de
Rembrandt van Hoorn genoemd.
"De beste stuurlui"
Wat we beter niet hadden kunnen meemaken in
Medemblik is de lunch die ons werd geweigerd. Lopende in het mooie stadscentrum
gingen we op het eerste de beste terras zitten “Rumours” geheten en bestelden
een uitsmijter voor Jos en een maaltijdsalade voor mij. De juffrouw die ons
hielp vertelde dat het misschien niet mogelijk was dus deed ze navraag bij de
kok. Even later vertelde ze dat we er niet konden eten in verband met de trein
die eraan kwam. Wij waren zeer verbaasd, want wat was er met die trein en welke
trein? Eigenlijk konden we er ook niks drinken en toen ik vroeg of we dan maar
beter konden opstappen, zei ze “ja”. We verlieten heel verbaasd het terras,
waar meerdere gasten zaten en die nuttigden er wel iets. Nadenkend waarop wij
werden gediscrimineerd liepen we verder te mopperen, wat de mensen bij het
volgend terras natuurlijk konden horen. Zij nodigden ons uit om bij hun te eten
en dus bestelden we hetzelfde. De trein bleek een toeristisch stoomdingetje aan
wie die eettent een speciaal tarief had beloofd, erop hopende dat alle
treinreizigers daar als gasten zouden eten. Toen we goed en wel lekker zaten te
eten op het volgende terras zagen we de “treinreizigers” het stadje inlopen,
die het gedurfd hadden die tent voorbij te lopen en zelf iets te zoeken. We
zagen dat het terras bij lange niet vol zat en dat deed ons genoegen. Zo’n
slecht zakenbeleid hadden we niet eerder meegemaakt. Een hele tijd erna, toen
we weer thuis, 1200 kilometer verderop waren, schreef ik alsnog een recensie en
haalde aldus mijn gram, omdat ik dat deelde op Facebook en op Google.
Voor een bezoek aan welke gemeente dan ook
moeten we eigenlijk de tekst die Wikipedia of de Gemeente aanbiedt aan
informatie meebrengen. Helaas bezoeken wij al deze stadjes spontaan en gaan af
op louter de gezelligheid. Die gezelligheid vonden we zeker in Medemblik. Het
ligt er prachtig bij aan het water. Overal is water, er is een molen, een
haventje met mooie zeilboten, die geen van allen waren opgetuigd, er waren mooie
winkelstraatjes, met een goed aanbod van winkels, scheef gezakte oude huisjes,
trapgeveltjes. Het is een sfeervol plaatsje en “oude grond” zoals ik dat noem,
waarmee ik uitdruk dat al in oude tijden de mensen er gelukkig waren, al dan
niet vanwege de dwangburcht die dreigend aanwezig was. Het is een informatief
bezoek geworden.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten